
Gehouden op 2 maart 2006
Decennia lang is de verstedelijking in Twente bepaald door de honger naar
hectares bouwgrond voor woningbouw en bedrijfshuisvesting. Iedere zichzelf
respecterende gemeente produceert met de regelmaat van de klok een nota waarin
de toekomstige hectarehonger is vooruit berekend. De omvang van die honger
wordt aangewakkerd door onvoorwaardelijke afhankelijkheid van groei en de
voortdurende ‘burgemeesterconcurrentie’. Concentratiebeleid,
bundelinggedachten en de zogeheten compactestadfilosofie. Het lijken de
schaamlapjes van het beleid.
Verstedelijking is onderwerp van beleid.
Beleidsmakers verwachten dat
de stedelijke ruimteconsumptie in de komende 40 jaar reusachtig zal
zijn en de ‘Nieuwe Kaart van Twente’ laat dan ook een olievlek van
nieuwe bebouwing zien. Maar
voor wie bouwen we eigenlijk? Is het uit luxe of uit noodzaak? Is de
werkelijke dynamiek een andere dan gedacht? Als verstedelijking wordt
gevoed door een obsessieve groeigedachte, heeft het beleid dan gefaald?
Zijn er alternatieve ontwerpstrategieën (of blijft het steken bij de
‘verpaarding’van ons buitengebied).