zoeken

Image building: over transformaties in Enschede

Datum en aanvang

Woensdag 26 november 2008, 19.30 uur (inloop vanaf 19.00 uur)
podium oude Twentse Schouwburg, Enschede, ingang Walstraat

Op het podium van de oude Twentse schouwburg werd gesproken over Enschede. Hoe de stad was en hoe het kan worden zonder zijn identiteit te verliezen. Jan Astrego sprak over het Enschede van toen. Berci Florian ging in op image building in het algemeen. Frans Boekema begon met de toppers en tobbers van Twente en eindigde met de verhouding tussen het imago en de identiteit van Enschede. En Ton Schaap liet ons de toekomst van Enschede zien waarbij het rood roder wordt en het groen groener. Afwezig was Henk Hartzema. Hij kon er niet bij zijn deze avond.

Waar is het centrum?

Jan Astrego is directeur Stedenbouw en Landschap/stedenbouwkundige bij IAA Architecten en treedt vanavond op als moderator. Hij opent de avond met een persoonlijk verslag en begint met dia's van Enschede uit 1973. Hij maakte toen voor het eerst kennis met de stad. Samen met zijn vrouw maakte hij een wandeling en zocht naar het centrum. Ze begonnen aan de Singel en kwamen via de Hengelosestraat bij de Boulevard. Één grote lege vlakte. En waar was het centrum? Ze liepen verder, over het van Loenshof. Ze kwamen in de Raadhuisstraat, een voetgangersgebied. Ze zagen de V&D. Als ergens een V&D is, moet dat toch het centrum zijn? Ze liepen verder en kwamen een ander voetgangersgebied tegen, de Haverstraatpassage. Iedere keer werden ze geconfronteerd door een stukje voetgangersgebied. Omringd met autovolle straten, zelfs op de Oude Markt. Dat is toch geen centrum?

Daarna heeft Astrego het over textiel. Hij laat een kaart van Enschede zien, vol met textielfabrieken. Veel van die fabrieken, zoals het Van Heekcomplex, zijn gesloopt. Deze fabrieken hadden Enschede kunnen zijn. Maar het imago van Enschede veranderde toen van textielstad naar een stad vol gaten.

Competitie en transitie

Berci Florian, van marketing- en communicatiebureau De VRBLDNG uit Amersfoort, adviseert ons om je als stad op vijf punten te positioneren. Als eerst de economische ontwikkelingen. Vroeger was innovatie de gloeilamp. Tegenwoordig innoveer je door op forums met elkaar ideeën uit te wisselen. De tweede is energie. Denk aan de energievraag voor de komende jaren en speel hierop in. Als voorbeeld laat hij drie mannen met en zeiljacht (dat uitsluitend windenergie gebruikt) zien die overzeese handel drijven en werk hebben voor de komende drie jaar. Als derde de financiële bronnen. Jim Rogers voorspelde de krediet crisis drie jaar geleden al. De vierde is voedselontwikkeling. Misschien moeten we wel op stadslandbouw over gaan en het voedsel dichter bij huis weg halen. En als laatste de culturele uitdaging. Want culturen komen steeds meer bij elkaar.

Na de positionering komt de uitvoering. Image building gebeurt volgens Berci op vier vlakken:
1.Citymarketing: met slogans zoals 'I amsterdam' en 'Rotterdam durft'.
2.Evenementen: Rotterdam durft met de Red Bull Air Race en Eindhoven heeft het Lichtfestival.
3.Ambassadeurs: Rotterdam heeft burgemeester Aboutaleb.
4.Projecten: zoals in Dubai en Londen met de Millennium Dome.

Bij steden draait het allemaal om competitie met elkaar en transitie van de stad zelf.

Trots, trend en traditie

Frans Boekema is universitair hoofddocent Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen op de Universiteit Tilburg. Boekema benoemt de Twentse economie met drie woorden: trots, trend en traditie.
Trots: Twente heeft meer inwoners dan elke noordelijke provincie. Het is een stedelijke regio. Maar het is ook landelijk. Het aantal misdrijven is laag en het is groen. Natuur is de kracht van de regio.
Trend: er is vernieuwing door bedrijven en onderwijs. Denk aan de nano-technologie.
Tradities: Twente bestaat volgens Boekema uit doordouwers en verhalenbouwers. Twente is ondernemend. Dit kan gebruikt worden om Twente op de kaart te zetten, denk aan Grolsch. Maar Twente is ook niet-ondernemend. Hij noemt het 40 jaar falen van bestuurlijke samenwerking. Het bestuur in Twente schiet alle kanten op, met voorbeelden als, 1977: Gewest & Provincie Twente en 2001: Netwerkstad Twente & Regio.

Boekema vervolgt met een les citymarketing. 50 jaar geleden schreef Kevin Lynch het boek 'The image of the city'. De inhoud van het boek geldt nog steeds. Een stad heeft dragers die de stad maken. Dat zijn routes, randen, wijken, knooppunten en herkenningstekens. Koppel dit aan Enschede en naar boven komen het Havengebied, Roombeek, het Van Heekplein en de Alfatoren. Plaatjes die je op een ansichtkaart zou zetten. En dat is wat citymarketing is, denken in ansichtkaarten.

Het probleem met Enschede is alleen, dat identiteit en imago niet aan elkaar verbonden zijn. Identiteit is wat de stad is, heeft en biedt. Imago is hoe men over de stad denkt. Citymarketing brengt dit bij elkaar. De conclusie van Boekema: professionele image building en regiobranding zijn serieuze mogelijkheden voor Twente en Enschede.

Het rood roder en het groen groener

Ton schaap is stedenbouwkundige bij de gemeenten Amsterdam en Enschede en hij vindt geheimzinnige dingen belangrijk voor het imago van een stad. Sommige steden hebben een vlak positief imago, hij noemt Apeldoorn. Schaap benadrukt dat stedenbouw anders is dan citybranding. Bij stedenbouw is het 'what you see is what you get'.

Het publiek wordt meegenomen door een presentatie vol foto's. We zien eerst het vele groen rondom Enschede. Langzaam aan komen we via de A35 de stad in. Over de Singel, door Pathmos, langs de Boulevard, over de Oude Markt en eindigend op het Van Heekplein. Schaap laat zien dat Twente nergens echt stads is. Het komt nooit voor dat er altijd mensen op straat zijn.

Schaap pleit ervoor om het rood roder te maken zodat het meer stads wordt. Betrek het ziekenhuis in de stedelijke bebouwing en maak het onderdeel van het stadserf. De natuurlijke identiteit moet ook behouden blijven. Dus: maak het groen groener. Bijvoorbeeld door van het viaduct bij de UT een kruispunt te maken en van de Hengelosestraat een laan met zes rijen bomen er naast. Dan heb je een laan waarmee de stad begint.

Het gevoel van in de stad zijn ontstaat volgens Schaap pas als je de auto uit bent. Zijn advies: maak het hele gebied binnen de Singel autovrij. Behoud de identiteit door het centrum aan de zuidkant uit te breiden met grote gebouwen en aan de noordkant juist de grilligheid van de straten te versterken zodat je hier een stad krijgt waarin je kunt dwalen.

Door Inge Rensink

verslag
beelden

verslagbeelden